Wanneer is goud interessant?

Goud als inflatie bescherming, goud als waarde vasthouder, goud als geld.
Als we kijken naar de geschiedenis, dan zijn er momenten dat het klopt en er zijn momenten dat het niet klopt.
Die inflatiebescherming, die is er wel eens… maar met evenveel moeite kan je momenten vinden dat het er niet is.
De conclusie is dus uiteindelijk dat goud tijden kent dat het interessant is en het kent (veel langere tijden) dat het niet interessant is.
Als je dus graag een bepaalde positie 30 jaar wilt innemen, dan is goud een slechte oplossing.
In het boek The Socionomic Theory of Finance geeft Prechter de nodige voorbeelden van momenten dat je goud (achteraf bezien) niet moest hebben. We hebben enkele jaren geleden hetzelfde meegemaakt. De periode 2011 tot 2016 was geen beste periode voor goud. Achteraf bezien is dat helder.
In de periode waren er echter wel degelijk argumenten voor het hebben van goud, alleen die argumenten leverden die periode geen rendement (of een negatief rendement) op. Daarmee was de reden om in goud te willen zitten misschien theoretisch wel juist, maar theorie en praktijk lopen niet altijd gelijk.
Als we kijken naar de laatste tachtig jaar, dan waren er achteraf maar 20 jaar waarin goud achteraf bezien een goed idee was.
In die 60 slechte jaren zaten ook echt heel slechte jaren. Het behoud van kapitaal was in die slechte jaren pertinent geen sprake van. Dat goud dus ALTIJD zijn waarde houdt is onzin. Dat het op de lange termijn waarde houdt, is wel waar gebleken. Helaas is ‘lange termijn’ wel eens meer dan een bepaalde mens zal leven. De kinderen of kleinkinderen hebben er dan misschien nog wat aan.
Is goud nu interessant?
Ja, de argumenten zeggen van wel… Maar de theorie en de praktijk…